Samen knokken tegen de olieverslaving

Het is soms moeilijk te bevatten hoeveel spullen, voedsel en diensten er van aardolie afhankelijk zijn. Niet alleen auto’s, maar ook bijna alle soorten plastic, glas, schoonmaakmiddelen, vliegtuigen en asfalt zijn er bijvoorbeeld afhankelijk van. Behalve dat het winnen van aardolie en het produceren van oliegerelateerde producten milieuvervuilend is, raakt de olie een keer op. Het is, hoe dan ook, een kwestie van tijd tot peak-oil zich aandient. Dit is het moment dat de mondiale oliewinning zijn top heeft bereikt. Vanaf dat moment zakt de productie definitief in. Omdat de vraag naar olie zal blijven stijgen, zal de prijs omhoog gaan, met als gevolg dat aardolie schaars zal worden. Het is onduidelijk wanneer de peak-oil precies plaats gaan vinden. Sommigen schatten over een jaar of vier, anderen houden het meer op twintig.

Mens en natuur hand in hand

Volgen Rob Hopkins heeft de olieproductie vorig jaar juni zijn piek al bereikt. De uitvinder van de zogenaamde Transition Towns (TT), vindt dat de wereld nu in actie moet komen; de mensheid moet af van haar olieverslaving. Hopkins ideeën zijn gebaseerd op de permacultuur. Het doel van permacultuur is een duurzame samenwerking creëren tussen mensen en de omliggende natuur. Als de samenwerking succesvol is, levert dat een lange termijn overleving voor beide partijen op. Met permacultuur wordt er een functioneel systeem gecreëerd, waarbij de mens op een duurzame manier van de natuur profiteert. Een energiezuinige stad of dorp bereik je volgens Hopkins door lokaal in eigen behoeftes te voorzien. Energie, voedsel en gezondheidszorg moeten zoveel mogelijk in de buurt van de Transition Town worden gerealiseerd. Een Transition Town is gebaseerd op een permacultuursysteem. Een dergelijk systeem wordt gerealiseerd door te kijken naar de drie ecologische hoofdfactoren; zon, water en wind en hoe deze in het plaatselijke systeem passen. Wel moet er rekening gehouden worden met bodemstructuur en -reliëf. In de luwte van een berg bouw je geen windmolens.

Transition Towns in Nederland

Wie interesse heeft in de filosofie achter de Transition Towns , kan sinds kort ook in Nederland terecht. De overkoepelende organisatie Transition Towns Nederland houdt bij hoeveel actieve groeperingen er in de lage landen zijn. Op dit moment zijn dat er 21. Op de site van de organisatie wordt ook vermeld aan welke criteria een nieuwe Transition Town moet voldoen en hoe mensen het beste kunnen beginnen.
In Deventer is het eerste Transitie-initiatief genomen door een groep bewoners. Deze mensen zijn afkomstig uit de hoek van permacultuur, lokale politiek, educatie en (lokale) economie. In januari en februari 2009 organiseerde Transition Town Deventer een reeks film- en informatiebijeenkomsten op verschillende locaties in de regio met als thema: de Zelfvoorzienende Stad. Geïnspireerd door de bijeenkomsten kwamen er allerlei ideeën los, die zich vooral concentreren op drie thema’s: voeding, energie en vervoer. Een voorbeeld van een initiatief is het project De Eetbare Stad, waarbij een groep bewoners op lokale schaal eetbare planten en bloemen verbouwen. Een ander voorbeeld is de aanleg van een aantal zonnepanelen, zodat een aantal huishoudens op een milieuvriendelijke en duurzame  manier in hun energiebehoefte kunnen voorzien. Ook worden er allerlei activiteiten en infodagen georganiseerd om meer bewoners bij de Transition Town te betrekken.

Twijfels over schaalbaarheid

Peak-oil komt eraan, hoe je het ook wendt of keert. Rob Hopkins heeft gelijk als hij zegt dat de mensheid moet gaan nadenken over alternatieven. Zoals hij zelf echter ook toegeeft, weet ook hij niet of Transition Towns echt de oplossing zijn. Op dit moment staat het plan nog in de kinderschoenen. Er zijn slechts enkele gemeenschapen die de plannen van Hopkins actief ten uitvoer brengen. Ook vragen sommigen zich af wat Transition Towns voor de derde wereld landen zouden betekenen. Als ieder dorp zijn eigen voedsel gaat verbouwen is dat voor de Afrikaanse boer desastreus. Ook wordt er sceptisch gekeken naar de uitvoering van Transition Towns. Kan iedereen wel werk vinden in deze nieuwe gemeenschappen? We kunnen tenslotte niet allemaal groente gaan verbouwen. Je kunt je afvragen of het realistisch is dat een topman van Shell vrolijk zijn bedrijf sluit, de mouwen opstroopt en in zijn biologisch verantwoorde tuin gaat schoffelen. Transition Towns vragen dus naast groene woongemeenschappen eigenlijk ook een omslag van de Nederlandse industrie en economie.transition-town-boek

Volgens Rob Hopins is het uiterst leerzaam te rade te gaan bij de oudere leden van onze samenleving. Zij leefden per slot van rekening vóór het tijdperk van de wegwerpmaatschappij en zij weten hoe een leven met minder energie eruit zou moeten zien. Bepaalde technieken, zoals kleurstoffen maken van natuurlijke ingrediënten en het verbouwen van kruiden zijn uitstekende vaardigheden die weer heringevoerd kunnen worden. Je kunt je echter afvragen of mensen bereid zijn een stapje terug in de tijd te doen omwille van het milieu. Bovendien zijn deze handelingen niet voor niets uitgestorven: de huidige methoden zijn vele malen sneller, goedkoper en beschikbaar voor een groot, breed publiek. Op dit moment lijken transitiegerelateerde plannen meer iets voor in het weekend of naast de (part-time) baan. Er moet nog veel bedacht, georganiseerd en veranderd worden totdat Transition Towns echt een verschil zouden kunnen maken. Het belangrijkste is dat mensen zich bewust worden van het olieprobleem. Vanuit dat besef kan verder gewerkt worden.

Misschien is het ook goed om op zoek te gaan naar milieuvriendelijke en duurzame alternatieven om de huidige levensstandaard van de mens te behouden. Mensen zullen pas op het allerlaatste moment een radicale verandering accepteren en misschien is het dan eigenlijk al te laat. Dit is zeker een uitdaging, maar de naderende dreiging van een tijdperk met mogelijk minder luxe is voor de mens misschien nog wel beangstigender dan een abstracte olieramp.

Renee Kooger