Schappen vol aardbeien in de winter en het hele jaar door avocado’s? Niemand kijkt er meer van op, we zijn er allemaal aan gewend geraakt. Maar eigenlijk is het hartstikke gek dat we het hele jaar door alles kunnen eten wat ons hartje begeert. Gemiddeld reist ons voedsel 33.000 kilometer voordat het op je bord ligt. Het huidige voedselsysteem heeft een grote impact op mens en klimaat. Het put de aarde en watervoorraden uit, gaat ten koste van de biodiversiteit en vergroot gezondheidsproblemen en ongelijkheid in de wereld. Een omslag in ons denken en handelen is daarom onmisbaar. Maar hoe draag jij zelf bij aan duurzamer voedsel aan tafel? Hieronder een aantal feiten en tips.
Feitjes over het huidige globaliserende voedselsysteem
Tijd dus voor verandering! Maar hoe draag je daar zelf aan bij?
De stad en voedsel
Voedsel lijkt in de stad altijd en overal beschikbaar. Veel mensen zijn daardoor de connectie met voedsel kwijtgeraakt. We weten niet meer waar eten vandaan komt en nemen het voor lief. Maar voedsel is zo veel meer dan alleen de nodige calorieën binnenkrijgen. Voedsel heeft een multifunctioneel karakter en is verbonden met waarden als gezondheid, educatie, en sociaal- en ecologisch welzijn. En juist deze meerwaarde van voedsel zijn we veelal kwijtgeraakt in het huidige globaliserende voedselsysteem dat wordt gedreven door een kost-effectieve aanpak.
Gelukkig ontstaan er in Nederland steeds meer groepen mensen die bewust zijn van deze meerwaarde van eten. Zij willen bijdragen aan een duurzamer voedsellandschap in hun omgeving. In 2020 voorzagen ruim 480 voedselgemeenschappen zo’n 60.000 huishoudens van voedsel in Nederland. Een voedselgemeenschap is een lokaal georiënteerd samenwerkingsverband tussen groepen consumenten en producenten, zonder tussenhandel. Dus een directe verbinding tussen boer en burger. Bekende voorbeelden hiervan zijn Herenboeren en CSA (Community Supported Agriculture).
Uit onderzoek blijkt dat deze groepen een enorme positieve impact hebben op hun omgeving. Ze brengen voedselproductie terug naar de stad, verbinden mensen en vergroten saamhorigheid in de buurt. Ze worden ook wel gezien als voorbodes voor radicale verandering van onze manier van produceren en consumeren.
Wat kan ik doen?
Kijk eerst eens bij jezelf in de buurt of bezoek de website van CSA. Ken je een plek waar mensen zelf hun groente en fruit verbouwen? Waar je direct van de boer vers, betaalbaar voedsel kan krijgen? Sluit je dan aan bij deze plek! Want dit is echt de allereerste stap die je neemt als je meer bewust wil omgaan met voedsel. Je gaat terug naar de kern. Waar komt jouw voedsel vandaan en wat zijn groente uit het seizoen? Gezond, gezellig en duurzaam!
Waarschijnlijk denk je nu: allemaal leuk en aardig, maar je kan toch niet al je boodschappen doen bij zo’n gemeenschap? Dat klopt. Je zal er vooral seizoen groenten kunnen krijgen. Daarom hieronder nog wat extra tips voor in de supermarkt.
Praktische tips
De supermarkt heeft volop keuze. Maar wat is nou het meest duurzaam? Er is zo veel om rekening mee te houden. De hoeveelheid broeikasgassen die vrijkomt bij productie en transport, de hoeveelheid water die gebruikt wordt, of de hoeveelheid voedsel die verspild wordt. Volgens mij vragen we onszelf allemaal weleens af of er überhaupt nog iets duurzaam is. Vlees is niet goed voor het milieu. Dus dan maar kiezen voor een sojaburger? Maar dan lees je weer dat sojaproducten ook slecht blijken te zijn… Wat kan je nog wél eten zonder het idee te hebben dat je bijdraagt aan de vernietiging van deze aardbol? Wij geven drie praktische tips.
Dit zullen veel van jullie al weten, maar toch misschien wel het meest doeltreffend als je het hebt over duurzaam eten. De productie van plantaardige eiwitrijke voedingsmiddelen veroorzaakt namelijk veel minder milieuschade dan de productie van vlees. En vergeet niet dat vegetarisch eten niet alleen goed is voor de wereld, maar ook voor jou. Om je keuze in de supermarkt makkelijker te maken zie je hieronder een rijtje met eiwitrijke producten gerangschikt van laag naar hoog in kilo’s veroorzaakte CO2-uitstoot. Wil je weten wat de CO2-voetafdruk van jouw lievelingsgerecht is? Je kunt dit opzoeken in deze Engelse 'voedselrekenmachine'.
Hiermee bespaar je onnodige voedselkilometers (de afstand die eten aflegt voordat het op je bord ligt). Producenten/leveranciers zijn verplicht om het land van herkomst op het etiket te zetten. Hieraan kun je zien hoe ver jouw voedsel gereisd heeft. Maar let op: in sommige gevallen zullen tomaten uit Spanje duurzamer zijn dan tomaten uit Nederland, omdat de tomaten hier in kassen moeten worden verwarmd. Maar dit zijn slechts uitzonderingen. Dus als regel kun je stellen: hoe dichter bij, hoe duurzamer. Wil je weten wanneer jouw favoriete groente gewoon in Nederland geproduceerd wordt? Check ons artikel over seizoensgroenten.
3. Voorkom voedselverspilling
Over de gehele keten van het verbouwen van voedsel tot het consumeren ervan, is minder voedselverspilling zelfs een van de beste klimaatoplossingen. En dan niet alleen binnen het voedsel domein!Omdat we als consument niet alle voedselverspilling in de hele keten kunnen beïnvloeden staat deze stap hier op positie twee. In westerse landen heeft de consument het grootste aandeel in voedselverspilling.
Meer dan de helft van alle voedselverspilling vindt namelijk in onze keuken plaats. Deze afbeelding komt uit de Fork Ranger App waarin je de smaak van klimaatvriendelijk eten ontdekt.
Alleen al voor betreft granen (brood, pasta), zuivel, groente en fruit kom je op een reductie van 8% op ten opzichte van het gemiddelde Nederlandse voedingspatroon. Daarbovenop komt nog koffie, thee, wijn, etc. Vandaar toch een plek 2 voor deze actie, aangezien nog veel niet in deze 8% is meegenomen.
4. Minder kaas
Vooral in Nederland is deze stap toch wel echt een uitdaging. We eten enorm veel zuivel, meer dan gemiddeld in de wereld en dan vooral kaas.
We eten nu meer dan 2,5 keer de hoeveelheid kaas die bij een duurzaam dieet past. En wat het nog moeilijker maakt? Als je minder vlees gaat eten wordt er in veel recepten kaas gebruikt als vervanger. Hoe vaak is de enige vega optie in een restaurant die met een bepaalde soort kaas? Lasagne, ovenschotel, risotto, geitenkaas salade…
Een van mijn tips is om kleinere porties van kazen met eens sterke smaak te gebruiken. En als je dan een fijne rasp gebruikt, dan proef je nog meer van bijvoorbeeld een heerlijke parmezaanse kaas. En met die 20 g parmezaanse kaas zit je zelfs al bijna op de totale hoeveelheid dagelijkse zuivel in een duurzaam dieet (250g melkequivalenten ofwel ca. 25 g kaas). Dat gaat dus best snel.
Deze afbeelding komt uit de Fork Ranger App waarin je de smaak van klimaatvriendelijk eten ontdekt. Deze stap levert een reductie van 10% op ten opzichte van het gemiddelde Nederlandse voedingspatroon.
5. Zuinig met andere zuivel
Dit is eigenlijke een verzameling van allerlei stappen, want de hoeveelheid zuivelproducten is natuurlijk heel breed: yoghurt bij ons ontbijt, een glas melk of melkschuim in je cappuccino, boter op brood, of een ijsje op een warme zomerdag. Omdat er niet 1 specifiek product is waar je je op kan focussen verschijnt deze stap ondanks de relatief grote impact toch op deze plek.
Ik nam stap-voor-stap mijn 3 hoofdmaaltijden onder de loep en keken of er gemakkelijke stappen waren om te zetten. Sojayoghurt bleek perfect voor bij het ontbijt. Voor de lunch proefde ik variaties van hummus met komkommer (en sambal!) en pindakaas werd mijn nieuwe beste vriend. ‘s Avonds at ik wat vaker een curry en in andere gerechten vervang ik room door sojaroom.
Het klinkt nu simpel, maar er waren wel een aantal stappen voor nodig om uiteindelijk uit te komen op de aanbevolen hoeveelheid van 250 g melkequivalenten. Ja, dat is echt maar 1 groot glas melk.
Al deze stappen bij elkaar leveren een reductie van 13% op ten opzichte van het gemiddelde Nederlandse voedingspatroon.
6. Meer biologisch
Biologische landbouw gebruikt geen pesticiden en kunstmest. Dit is niet alleen goed voor de biodiversiteit maar zorgt ook beter voor de bodem, die vervolgens meer CO2 kan opslaan. Helaas zijn beide moeilijk in cijfers te meten – er is nog geen omvangrijk allesomvattend onderzoek – en is er voor biologische landbouw wel meer ruimte nodig. Dus hoe belangrijk is het om biologisch te kopen? Over het algemeen lijkt het onmogelijk om er cijfers op te plakken.
Het dichtste bij komt een Zwitsers artikel dat laat zien hoe biologisch voedsel iemands ecologische voedsel impact kan verminderen. Hier scoorde biologisch eten veel meer dan met seizoensgebonden of lokaal eten. Maar zij maakten gebruik van een puntentelling om alle factoren samen te vatten, niet alleen CO2 impact.
7. Meer van dicht(er)bij
aast seizoensgebonden eten, wordt ook lokaal eten flink gepromoot. Ook al zijn er veel voordelen aan lokaal eten, toch vertaalt dit zich vaak niet naar grote CO2 besparingen. In Europa wordt maar 6% van de CO2 impact van een product veroorzaakt door transport.
Daarmee is lokaal eten vooral waardevol om andere redenen: het is belangrijk omdat het wereldwijd diversiteit van soorten stimuleert. Neem bijvoorbeeld appels. In plaats van over de hele wereld Fuji appels te eten, kunnen we ook overal ter wereld de lokale soort kiezen. Dit zorgt op globale schaal voor een grotere variëteit aan soorten en daarmee voor een gezonder ecosysteem en meer unieke smaken.
Uiteraard zijn er wel een handvol producten die van echt ver weg komen, en zelfs met het vliegtuig komen. Laten we die proberen te vermijden: verse bessen in de winter, groene asperges uit Peru en sperzieboontjes uit Kenia. Je herkent deze producten omdat ze erg vers maar ook heel kwetsbaar zijn. Ze liggen vaak apart in de supermarkt.
Stel dat we de helft van alle voedselkilometers zouden kunnen besparen dan levert deze stap een reductie van 3% op ten opzichte van het gemiddelde Nederlandse voedingspatroon.
8. Betere verpakkingen
Verpakking zijn altijd heel zichtbaar en krijgen daarom veel aandacht. Wist je dat plastic om komkommer bijvoorbeeld in Nederland onze ergste ergernis is als het om duurzaamheid gaat? Toch is de CO2 impact die met verpakkingen gemoeid is relatief gezien vrij laag. Het is gemiddeld maar ongeveer 5% van de totale CO2 impact van een product.
Het ligt voor de hand om te stellen dat we alle verpakkingen moeten vermijden. Maar veel producten moeten toch verpakt worden, omdat ze niet los aangeboden kunnen worden. Daarnaast kan een goede verpakking bijdragen aan een betere houdbaarheid en daarmee voedselverspilling voorkomen. De extra uitstoot van de verpakking kan het waard zijn om voedselverspilling (en daarmee ook extra uitstoot) te voorkomen.
Hierbij is het dus erg lastig om echt vast te stellen hoeveel er met deze stap bespaard kan worden.
Dit artikel is geschreven door gastredacteur Isa Sauer.
Bronnen
Wil je meer (wetenschappelijke) artikelen over dit onderwerp lezen? Hieronder vind je de bronnen van dit artikel.